Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894 
     
                     


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje

De tijd dat ik 's ochtends met een met pindasaus besmeurd overhemd, een droge bek en een hoofd dat op springen staat, wakker word op de tweezits bank, ligt helaas achter me. Hele nachten doorhalen in de kroeg is er ook niet meer bij en eventuele dames verzoek ik 's nachts na de daad beleefd te vertrekken. Niet dat deze verandering mijn eigen vrije keus is, hoewel het feit dat ik 's ochtends geen koffie meer hoef te drinken met een mevrouw die de nacht er voor bij toeval in mijn bed is beland, me wel bevalt. Tegenwoordig gaat om kwart over zeven de wekker. De tweede wekker wel te verstaan. De eerste wekker staat op vier uur en staat naast de bank, zodat ik wakker word om naar bed te kunnen gaan. Om kwart over zeven word ik dan voor de tweede keer wakker om te kunnen ontbijten. Mijn dochter moet naar school. De pindasaus heb ik ingeruild voor een therapeutisch broodje pindakaas. Als ik geen broodje neem ziet mijn dochter immers ook geen enkele aanleiding om haar broodje chocolade hagelslag te eten. Dus hap ik vroeg in de ochtend al manmoedig in een halfbevroren boterham die ik beter de avond ervoor uit de vriezer had kunnen halen. Mijn dochter zit ondertussen te zeuren dat ze de korstjes niet opeet en dat de televisie aan moet. Maar als verantwoorde vader moet ik dat natuurlijk weigeren. Het ontbijt is een sociaal familie gebeuren en daar kun je Sponge Bob Squarepants niet bij gebruiken. Dit laatste is overigens een dringende suggestie van de moeder van mijn dochter. Die heeft ook het therapeutische broodje bedacht. De strijd die ik daarna moet voeren om dochterlief in de kleren te krijgen, win ik uiteindelijk altijd, al vroeg Juf Cecile me laatst wel waarom mijn kind zo vaak in pyjama op school kwam. Dat was mij niet opgevallen, ik ben allang blij wanneer ik haar de maillot niet achterstevoren aangetrokken heb en de linker schoen ook inderdaad aan haar linker voet gekomen is. Juf Cecile kende ik trouwens nog van vroeger. Ze schrok een beetje toen ik mijn dochter voor de eerste keer bij haar afleverde. Ze had namelijk ooit een keer in mijn bed geslapen. Zonder mij trouwens. Op een koude winteravond had ze bij me gegeten met haar vriend. Het stel was lichtelijk aangeschoten toen ze als laatste weggingen. We waren nog aan het schoonmaken toen de vriend weer binnen kwam. Cecile was haar tasje vergeten en daar zat de huissleutel in. Nee ze was niet mee terug gelopen maar voor haar deur blijven wachten. Slingerend vertrok hij weer met tas en sleutel. Een uur later zat ik alleen met een glaasje wijn en de krant in het lege restaurant. Opeens hoorde ik de voordeur en Cecile kwam binnen. Haar vriend was niet meer teruggekomen en ze had al een uur in de kou voor de voordeur gewacht. Ik gaf haar een glaasje wijn om op te warmen en stelde voor om de gsm van haar vriend eens te bellen. Geen gehoor. We dronken nog een glaasje wijn. Nu ik haar wat beter bekeek was het best wel een lekker ding. 'En ik moet morgen ook nog heel vroeg op school wezen', hikte Cecile. 'Je kunt ook hier slapen, dan ben je vlak bij school', stelde ik voor. 'Heb je dan een logeerbed', zei Cecile tussen twee grote gapen door. 'Nou nee maar mijn eigen bed is groot genoeg voor twee'. Een restauranthouder kan immers niet gastvrij genoeg zijn. 'Laat ik dat dan maar doen', zei ze. Dit ging wel heel gemakkelijk. We gingen naar boven, Cecile verdween in de badkamer en ik gooide snel wat schone lakens op mijn bed. Toen ze er weer uitkwam had ze een van mijn T-shirts aan . 'Welterusten', zei ze, terwijl ik de badkamer in ging om mijn tanden te poetsen. Ik had de tandenborstel nog niet in mijn mond gestoken of ik hoorde de sleutel van de slaapkamerdeur al ronddraaien. Ik kon kiezen; of rammelen aan de deur of op de bank. Ik sliep dus op de bank en hoorde haar in alle vroegte de deur uitglippen. 'Hoe is het toen met je vriend afgelopen' vroeg ik haar een van de eerste keren dat ik mijn dochtertje bij haar in de klas afleverde. Die had een grote bek gehad tegen twee agenten in een politieauto die over de Blokhuisbrug reed en had de hele nacht in een politiecel op de Holstmeerweg gezeten. Hij is nu weg trouwens, vertelde ze. 'Misschien kunnen we eens wat afspreken' stelde ik voor. Maar ze vond dat ik maar gewoon tot de ouderavond moest wachten.