Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894 
     
                     


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje

De meeste mensen schijnen hun depressies in de herfst te krijgen, maar de mijne slaan meestal toe als de eerste blaadjes weer aan de bomen komen en de zon weer wat warmer wordt, zodat je geconfronteerd kunt worden met malloten die in een korte broek door de stad lopen en terrassen die bevolkt worden door blijde kleumers met een glas witbier in de hand. Het lijkt wel alsof het eerste vogelgekwinkeleer in het voorjaar iedereen alle sores in dit stadje doet vergeten. Mij niet dus. Mijn somberheid wordt alleen maar heftiger. Moet ik in het voorjaar dan ineens maar vergeten dat het gevaar dat mijn dochtertje drugs gaat gebruiken redelijk groot is? Omdat zowel bij mijn huis als bij het huis van haar moeder is er door toedoen van gemeentelijke betweters een koffieshop op de hoek is gekomen en het kind dus overal met drugsgebruikers in aanraking komt. Protesten van mensen die al heel lang in deze straten wonen helpen niet. Deze bestuurders horen het gepeupel aan en doen vervolgens hun eigen zin. Nog somberder word ik als mensen tegen me zeggen, je moet de politie bellen als mijn dochter weer eens op haar fietsje tussen twee handelende dealers doorglipt. Inderdaad dat heb ik ook een keer gedaan. Maar de telefoniste van het centrale 0900 nummer van de politie kon op bureau Leeuwarden niemand te pakken krijgen. Ik denk dat ze allemaal zijn lunchen, zei die mevrouw met een warme stem. Probeert u het later nog maar eens. Ook als de zon op een zonnige voorjaarsochtend door mijn zolderraampje schijnt, wil ik het liefst de dekens ver over mijn hoofd trekken als ik voor de zoveelste keer besef dat ik in een stad woon waar van de 90.000 inwoners 80.000 zijn die stokbrood met kruidenboter nog steeds het summum van culinair genoegen vinden en de overigen, die pretenderen verstand van eten te hebben, alleen decoratie vreten. Dat er dus een hele stad is waarvan waarschijnlijk 99 procent van de inwoners nog nooit lekker gegeten heeft. Dat ik bij de slager kan kiezen tussen puur varkensvlees en gekruid varkensvlees en dat het gekruide varkensvlees dan goedkoper blijkt te zijn om dat ze dat vol water gespoten hebben om het gewicht op te voeren. Met moeite sleep ik me zo'n zonnige ochtend naar de koffiepot en bedenk me dat bijna al mijn stadsgenoten zich op hun werk behelpen met oploskoffie uit een automaat, zo eentje waar ook zout water dat soep genoemd wordt, uit kan komen. Dan schiet mijn triestheid naar desastreuze diepten omdat ik weet dat ze dat nog lekker vinden ook. Bijna jankend ga ik vervolgens naar de huiskamer waar het gelukkig donker is omdat de gordijnen nog dicht zitten. Daar knip ik mijn spiksplinternieuwe televisie aan, misschien beurt die me een beetje op. Maar alles wat ik krijg te zien is een mevrouw, die een gezicht heeft getrokken van je kan me wat maar ik doe lekker toch wat ik zelf wil, en die de interviewer vertelt dat het deze zomer opnieuw een chaos in de stad wordt met het verkeer. Zij persoonlijk heeft er voor gezorgd dat de halve stad tegelijkertijd wordt opgebroken en dat er inwoners zijn die het er niet mee eens zijn kan haar geen reet schelen. Mevrouw heeft het zo beslist, dus moeten we dankbaar zijn! Vermoeid grijp ik naar het stapeltje bakstenen dat normaliter naast de bank hoort te staan. Verdomme, op! De laatste heb ik de dag er voor door het oude televisietoestel gegooid toen de omroepster me vertelde dat ik dit jaar geen kievietseieren kan eten omdat een rechter, die de kieviet alleen van een plaatje kent, het rapen verboden heeft. Hoezo vrolijk voorjaar en blij zijn. Moet ik dat droge roggebrood dan alleen met selderij zout en een radijs door mijn strot duwen? En dan moet ik zeker ook blij zijn met de voorjaarsverhalen van collega's die een mevrouw van de warendienst over de vloer krijgen, die op handen en voeten door de keuken kruipt om te kijken of er ook ergens een laatste ongerechtigheidje ligt. Nu vind ik vrouwen in die positie, op handen en voeten en de kont omhoog, wel ideaal, maar meer in de regio van de slaapkamer en niet in een keuken waar hard gewerkt wordt. Mijn somberheid kent geen grenzen als ik aan de boetes denk die zo'n trut kan uitdelen om haar target te halen en zo haar baantje veilig te stellen. Als ik dan later op die blije zonnige ochtend met mijn donkerste zonnebril op mijn hondje uitlaat in de Prinsentuin , struikel ik ineens over twee designborden met een kaartje van de tuin zodat wandelaars en bootjestoeristen niet kunnen verdwalen. Alsof je in dat kaalgeplukte en volgescheten park überhaupt de weg kwijt zou kunnen raken. Met zijn driëen, de hond, de poepschep en ik, lopen we weer naar huis waar ik snel de computer aan zet om mijn favoriete websites te kunnen bekijken; verhuizen.nl en dokteronline.com. Het enige lichtpuntje in deze duisternis is dat het altijd weer herfst wordt.