Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894 
     
                     


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje

Marianne en ik hebben weinig gemeen. Zij is Zevendedagsadventist, ik ben overtuigd atheïst. Zij zit in de Tweede Kamer terwijl ik de eerste politicus die niet in zijn eigen leugens gestikt is nog tegen moet komen. Zij is fanatiek vegetariër, ik niet. Ik ga een vegetarische maaltijd niet uit de weg, maar wil er wel een stukje vlees of vis naast. Marianne is het gezicht van de Partij voor de Dieren, de partij die alles wat tussen een kakkerlak en een olifant in kruipt, loopt of zwemt, wil vertroetelen, terwijl ik bij veel dieren er toch aan moet denken hoe ik daar een stukje van op een bordje zal leggen. Toch hebben we één ding gezamenlijk; we houden beide niet van dierenmishandeling. Hoewel ook daarin verschillen we wel iets van mening. Zij wil dat varkentjes eerst verdoofd worden, voordat hun ballen worden verwijderd, terwijl ik weet, net als ieder ander trouwens dat diezelfde varkentjes net zo hard krijsen als ze met een verdovingsnaald geprikt worden dan wanneer ze de punt van het mes in hun geslachtsdelen voelen. Maar langzaam dieren doodmartelen daar zijn Marianne en ik beide fel op tegen. Daarom had ik ook graag gewild dat ze met mij een rondje Ljouwert Culinair had gedaan. Een van de leukste evenementen in ons stadje, dat wel. Daar op het Oldehoofster kerkhof kon je op een avond zien, proeven en ruiken wat Leeuwarden op culinair gebied voorstelt, zodat je dat de rest van het jaar kunt overslaan. De opmerkelijkste stand was die van Hotel Wyswert. Daar werd de Nieuwe Nederlandse Keuken gepresenteerd. Ik wist niet dat die bestond en de Oude Nederlandse Keuken is me nooit heel erg bevallen. Nieuwsgierig haalde ik dan ook het hele boekje Leeuwtjes uit mijn jaszak. Iets nieuws proeven laat ik nooit aan me voorbij gaan. Zuurkool met een dadel en spek aan een satéprikker, och het was best smakelijk. Naast de stand stond een man in kokspak met een rood hoofd van de zonnebank of van jaren lang te veel drank, glimlachend rond te kijken. Het bleek de bedenker van de Nieuwe Nederlandse Keuken te zijn. Niet dat hij zelf kookte in de stand . Dat liet hij over aan een paar zwoegende studenten, die naar mij leek allemaal uit een ver oosters land kwamen. De Nieuwe Nederlandse keuken is zeker nog niet zo populair onder autochtone studenten. Of misschien zijn die er helemaal niet meer op de Hotelschool. Maar koken konden ze wel. De stand van Wyswert was ook leuk aangekleed. Grote vazen van glas, volgepropt met zonnebloemen boden een vrolijke aanblik. De kleine visjes die happend naar zuurstof tussen de stelen moesten proberen te overleven waren wat minder vrolijk. Sommige visjes dreven zelfs heel stilletjes op hun rug. Gelukkig was het maar voor één avond. De tweede Ljouwert Culinairavond waren het water en de visjes ververst. Nu ben ik niet roomser dan de paus. Ik draai met alle liefde een kip de nek om en tik een vis dood met een stukje hout. Ik zou zelfs mijn eigen hond op eten als ik honger had. Maar vissen laten creperen omdat het zo leuk staat als decoratie vind ik helemaal niets. Doe het dan goed en creëer een nieuw gerecht met die vissen voor de Nieuwe Nederlandse keuken. Serveer ze bijvoorbeeld levend vastgespijkerd aan een plankje zodat de vissen je aankijken als je er plakjes afsnijd. Je kunt ze ook even met het lijf in de hete frituur houden terwijl je de kop er boven houd zodat ze toch blijven leven. Maar vissen als decoratie een langzame dood laten sterven daar krijg je als Christelijke school geheid gedonder mee. Als Marianne die avond bij me was geweest, weet ik zeker dat ze meteen naar Den Haag afgereisd was om kamervragen hierover te stellen.