Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894 
     
                     


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje

Ze zag er wel spannend uit, een kort suederokje met daaronder kniehoge rijglaarsjes. En ze was een beetje dronken. Nu houd ik van vrouwen die een beetje dronken zijn. Je hoeft namelijk niet met ze te praten want ze lullen zelf aan een stuk door en naar jou luisteren doen vrouwen  niet, ook niet als ze aangeschoten zijn. Bovendien verdwijnen bij de meeste vrouwen die een paar glaasjes gedronken hebben veel van hun remmingen en beginnen ze met jan en alleman te knuffelen. Wat voor getrouwde mannen van mijn leeftijd natuurlijk altijd meegenomen is. De vrouwen van getrouwde mannen van mijn leeftijd knuffelen namelijk allang niet meer; ja alleen als ze een beetje aangeschoten zijn en dan met een ander.
Ik kwam haar net voor sluitingstijd tegen in de Toeter nadat ik die avond voor 40 mensen in Treff gekookt had. Nico, de eigenaar vond het tijd dat ik weer eens ging koken en had een Piet Paaltjensavond georgani-
seerd. Na ruim een jaar stond ik weer eens in een restaurantkeuken, iets waarvan ik me had voorgenomen nooit meer te doen. Maar goed, Nico is de kwaadste niet en eigenlijk vond ik het ook wel leuk. Bovendien bleek het wel een vruchtbaar idee om met Piet Paaltjens op herhaling te gaan. Nico had alle tafeltjes vol geboekt. In de tijd dat ik mijn eigen restaurant nog had, kwamen er in een hele week niet zoveel mensen. Er zaten zelfs gasten die altijd al eens bij me hadden willen eten maar die in al die 21 jaar dat Piet Paaltjens bestaan heeft daar nooit aan toe waren gekomen. De avond was erg gezellig en uiteraard streelde het mijn ego ook wel. Zoveel mensen die speciaal voor mijn eten kwamen. Nico liet de wijn die avond
ruimschoots vloeien, ook in de keuken, zodat ik om een uur of één ’s nachts ernstig aan een biertje toe was en nog even naar de Toeter liep. En daar kwam ik Mieke tegen die op een kruk zat en net een glas witte wijn met ijs bestelde. Die krijgt ze van mij en doe mij maar een Amsterdammertje, zei ik tegen de barman.  Mooie laarzen draag je, zei ik om maar wat te zeggen.  Na ‘proost’ en een eerste slok wordt er toch van je verwacht dat je wat onderhoudend bent. Mieke keek eens naar beneden alsof ze nu pas ontdekte dat ze laarzen droeg. Ze besteedde er verder geen aandacht aan maar keek me aan en zei toen met ietwat dubbele tong: Jij bent de man van de knakworsten. Heerlijke knakworsten maak jij. Ze draaide zich om naar twee andere vrouwen die naast haar zaten en riep, meiden hier is die man van die lekkere knakworsten. De toegesprokenen bleken mij ook te herkennen als de man van de knakworsten. Ze waren een keertje bij een van de legendarische poezieavonden in PietPaaltjens geweest waar ik tussen de gedichten door knakworsten met mosterd serveerde. Manmoedig nam ik een grote slok van mijn bier want na het applaus van mijn gasten die avond in restaurant Treff moest ik wel even slikken dat ik bij bepaalde mensen niet bekend was om mijn mooie gerechten maar als man van de knakworsten. De dames raakten niet meer uitgepraat over de kwaliteit van mijn knakworsten tot de verlossende laatste ronde waarna Mieke met mij de kroeg uitstapte. Helaas verhevigde de koude nachtlucht  het effect van de vele glazen witte wijn met ijs en Mieke moest zich stevig aan mij vast houden om niet om te vallen. Dat komt  van mijn laarzen, mompelde ze. Dat bleek maar ten dele waar want een klein eindje verder moest ik verschrikkelijk mijn best
doen om haar overeind te houden. Gelukkig woonde ze niet ver weg maar wel drie trappen op. In haar appartement aangekomen liet ik haar op de bank zakken waar ze meteen in slaap viel. Nu slaap ik zelf met enige regelmaat een gedeelte van de nacht op de bank en ik weet dus uit ervaring dat het heel vervelend is met je schoenen aan te slapen. Ik zal je laarzen uittrekken, zei ik tegen de slapende Mieke. Ik keek eens naar de vele knoopjes en de lange veters op haar rijglaarzen en trok zowel links als rechts de boel in de knoop. Twintig minuten later had ik eindelijk met een hoop binnensmonds gevloek de veters weer ontward
en moesten de laarzen volgens mij uit kunnen. Op dat moment werd Mieke een beetje wakker en fluisterde iets van ‘er zitten ritsjes aan de zijkant’. Verdomme, die had ik helemaal niet gezien; het was helemaal niet nodig geweest die rotveters los te knopen. Ik had gewoon de ritsen naar beneden kunnen trekken. Ik liet Mieke op de bank liggen en deed het licht uit. Toen ik thuis in bed stapte werd mijn vrouw wakker en vroeg hoe de Piet Paaltjens avond geweest was. Behalve de knakworsten ging het wel goed, zei ik en kroop een beetje tegen haar aan. We gaan nu niet meer knuffelen, zei ze en draaide zich om. Net alsof ik daar op gerekend had. Getrouwde vrouwen knuffelen niet meer. Alleen als ze te veel wijn op hebben en dan bij voorkeur met een andere man.