Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894                             


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje

Voor mij is de telefooon de gesel van deze tijd. Op straat zie ik alleen maar mensen rondlopen die niets om zich heen zien en horen, terwijl ze zo luid in hun Gsemmetje schreeuwen dat deze bijna overbodig is. Ook in mijn restaurant heb ik af en toe hele concerten van fluitende melodietjes die zulke dingen uitbraken. Zelfs mijn afwashulp staat regelmatig met een hand in het sop en de andere aan haar oor, haar laatste verovering te bellen.
Ook telefonerende advertentieverkopers zijn een gruwelijke hinder. Als je vertelt,  dat je geen belangstelling hebt omdat het te duur is, blijken ze toevallig nog een goedkoper plaatsje op een andere pagina te hebben En ook willen ze weten waarom je geen advertentie wilt. Nou dat gaat ze mooi geen bliksem aan. Tegenwoordig zeg ik meestal dat de eigenaar voor drie maanden naar Honolulu is en dat er verder niemand is, die er over mag beslissen. Alleen de advertentieman van dit blad trapte niet in die smoes. Maar bellende secretaresses zijn mijn grootste nachtmerrie. Nu heb ik een beetje een haat liefde verhouding met secretaresses. In mijn gedachten zien ze er altijd hetzelfde uit: Het hoogblond geverfde haar in een knoetje, een bril op de neus die ze niet echt nodig hebben, een te nauw mantelpakje voor de baas en dodelijk lange gelakte nagels, die niet eens breken op het toetsenbord van de computer. Ze bellen altijd aan het begin van de ochtend. Hun begin van de ochtend wel te verstaan en niet het mijne. Waarschijnlijk licht er een memo'tje op het bureau en denken ze: Laat ik dit eerst maar even doen voor ik mijn nagels ga vijlen. Als ik half wakker wordt van het gebel zo rond kwart voor negen denk ik meestal: laat maar rinkelen. Na tien minuten gaat dat rotding weer en deze keer laten ze hem helemaal uitbellen. Ik ben dan wel klaar wakker maar heb nog steeds geen zin om mijn bed uit te komen. Na vijf minuten wordt er weer gebeld. Ik zit ondertussen net aan mijn vriendin te friemelen, maar moet nu toch maar opnemen. Half struikelend donder ik de trap af om dan nog net het laatste belletje te horen. Met de smoor in sjouw ik weer naar boven waar mijn vriendin ondertussen geen zin meer in gefriemel heeft. Even later wordt er weer gebeld en deze keer hoor ik dan de stem van degene die mijn nachtrust verstoort. Goedemorgen meneer ik heb al een paar keer eerder gebeld maar er wordt steeds niet opgenomen. Mevrouw, antwoord ik vriendelijk, u belt voor negenen naar een horeca bedrijf. Weet u wel dat u net iemand uit bed gebeld heeft die gisteravond tot één uur gewerkt heeft, daarna nog iets moest eten, de honden uitlaten en om de zinnen te verzetten nog ergens een biertje heeft gekocht en die zodoende pas om half vier in zijn bed lag om van een welverdiende nachtrust te genieten en nu waarschijnlijk een teleurgestelde vriendin, een relatie probleem, en welzeker slaaptekort heeft.

Even valt er dan een stilte waarna dan nietgemeende excuses en de reservering volgen. Als ik ze een paar avonden later in mijn restaurant zie blijken ze wel mee te vallen. Zijn het aardige vrouwtjes die ook niet beter weten.