Boek Piet Paaltjens                                   Piet Paaltjens  Dichter-dominee  1835 - 1894                             


Beginpagina

Jeugdjaren in Leeuwarden

Studententijd in Leiden

Predikant in Foudgum

Predikant in Den Helder

Predikant in Schiedam

Over Piet Paaltens

Culinaire citaten

Gedichten over eten en drinken

Culinaire bloemlezing

Culinaire links

Culinaire reizen, kooklessen

Columns van Klaas uit de Liwwadders

Contact  lezend muisje
Siderius

Op een dag zal mijn dochtertje de leeftijd hebben bereikt dat we samen bij Mc Donalds
moeten eten. En terwijl we dan aan zo'n smakeloos kadetje zitten met daartussen een
ondefinieerbare schijf gehakt, waarschijnlijk van een koe die van schaamte gestorven is,
zal ik haar vertellen over de tijd, dat op dezelfde plek een ander restaurant stond:
Restaurant Siderius. Een gelegenheid waar nog echte kelners liepen, zwart in het pak, een
diendoek over de arm en voortdurend mompelend: "Dank U beleefd, meneer". Waar de
jachtschotel met rode kool tot kunst verheven was en wel twee keer van een zilveren
schaal nageserveerd werd. Waar ze echte groentesoep met vermicelli en ballen
serveerden. En waar je als dessert meestal twee vanillepuddinkjes at. De eerste
was vaak mislukt en ingezakt, maar voor de chefkok van Siderius was dat geen
enkel probleem. Hij zette de tweede er gewoon bovenop. Alle Liwwadders vonden
het verschrikkelijk dat deze gelegenheid ten prooi kwam te vallen aan de nieuwe
tijd. Maar de mensen die het verdwijnen van dit etablissement zo bejammerden, waren
nog nooit op de gedachte gekomen er ooit eens te eten. En als mijn dochter, na dit
ademloos aangehoord te hebben, een slokje van haar ijskoude cola uit een kartonnen
beker neemt, gaat ze me vast vragen:"Pappie, vertel toch verder". En dan maken wij
een rondje langs al die verdwenen Liwwadder restaurants met een eigen gezicht.
Het Fêste Doel, waar alle boeren uit de provincie kwamen koffiedrinken en snert
eten. De lepel stond er rechtop in. En even verderop de Franse bistro Le Dindon,
waar op iedere tafel een fles wijn klaarstond, maar die ook na herhaaldelijk
verzoek niet door de bediening geopend werd, zodat je altijd een kurketrekker
op zak moest hebben. Een kurketrekker had je ook nodig op de boot die een
poosje naast de Harmonie gelegen heeft.  Weliswaar maakten ze achter de bar
je fles wijn open, maar vervolgens drukten ze de kurk er met bruut geweld
weer in, zodat je dorstig bleef.
"Maar pappa,"zal mijn dochtertje vragen, "dronk je altijd wijn?" "Nee hoor",
antwoord ik dan, "ik ging ook wel eens eten in restaurant Ananda, in de Kleine
Hoogstraat. Daar dronk je aardappelsap. Het was het enige vegetarische
restaurant dat we hier gehad hebben. Geitenwollen sokken en theemutsen die
allemaal met stokjes wilden eten. En ik kan je vertellen dat het verdomd moeilijk is
iets van zo'n stronkje witlof tussen twee stokjes af te happen". "Hadden ze
daar ook franse frietjes, pappa?" vraagt mijn dochtertje dan, terwijl ze een
aardappelstokje in een op mayonaise gelijkende smurrie doopt. "Nou nee",
antwoord ik dan, "maar wel brandnetelsoep en pastinakentaart. Franse
frietjes at je af en toe bij La Spunta op de Eewal. Op woensdag hoorde je
tijdens de maaltijd vanuit de keuken het geluid van voetbalwedstrijden op
de tv. Er waren ook al buitenlandse restaurants, zoals een Chinees op de
Weaze, waar alle kinderen een sinaasappel kregen. Ooit was er ook een
Spaans restaurant op de Tuinen, waar de serveerster zulke korte rokken
droeg dat je het eten er op de koop toe nam". "Pappa, ik wil naar huis", zegt
mijn dochtertje, want ze weet, zodra pappa over korte rokken begint,
is hij voorlopig nog niet uitgepraat. Met behulp van een slokje milkshake
neem ik een maagtablet in en dan huppelt mijn dochtertje naast me de
deur uit. "Volgende week gaan we weer, hè pappa?"