Piet
Paaltjens
Dichter-dominee 1835 - 1894
| De Hongaar De kelners in het restaurant Blokkeerden zijn terugkomst; Al zijn verloren jaren weg van hier Hingen om zijn nek als een ketting. En dus telden de kelners zijn kralen, En de ogen van zijn Engelse dame, Gepolijst als glas, En zijn volmaakte woorden Glad als platte ronde forinten, Bewaard sinds negentienzesenvijftig. Zijn eerste avond thuis weggespoeld Met de wijn en de langzame bediending. De koude soep zonder brood, toen brood zonder boter, op de tafel gesmakt als een kleine oorlog. Hun afgekeerde ruggen wijzend naar hem. Soep moet heet, zo lang geen Boedapest meer, Zei hij gebroken. Maar te laat besloten zij De gestolen avond terug te geven, genageld Aan de muur toen hij een tweede keer weggleed, Als een dode vis met hangende schubben. Frieda Hughes 1960 Uit: De Schreeuw en andere gedichten Wagner & Van Santen 1999 Vertaling en uitleiding Peter Nijmeijer |